Slabberjan in het kort
Slabberjan is een Zeeuws spel. De meningen zijn verdeeld over waar het spel oorspronkelijk vandaan komt, uit het hoge Noorden of juist uit het diepe Zuiden van Europa. Waarschijnlijk zullen we het nooit zeker weten. Wat we wél zeker weten is dat dit spel uniek is in alle opzichten en iedere keer weer jolijt, plezier en genot oplevert voor de spelers. En steeds weer leidt tot nieuwe inzichten, dilemma’s en uitdagingen. En het mooiste is: het spel kan met meer mensen worden gespeeld dan dat er in een gemiddelde woonkamer passen.
In het kort komt het er op neer dat je iedere ronde van het spel moet voorkomen dat je aan het eind van de ronde de laagste dop hebt, want dan moet je een knoop betalen. Per ronde betaalt degene die aan het einde van de ronde het laagste plaatjes heeft een knoop in de pot. Wie als laatste nog één of meerdere doppen over heeft, heeft het spel gewonnen.
Uitleg van het spel
Het spel begint door te bepalen wie als eerste de zak krijgt. Daar zijn geen regels voor, bepaal dat gewoon lekker zelf op basis van leeftijd, senioriteit, geslacht, haarkleur, nuchterheid, zeg het maar. Het maakt ook eigenlijk helemaal niks uit.
Degene die als eerste de zak krijgt, geeft aan iedereen 1 dop, dat doe je met de klok mee (héél belangrijk!). En, nóg belangrijker: je vertelt aan niemand welke dop je hebt gekregen! De doppen hebben allemaal een nummer (van 0 tot 12) of een plaatje; alle doppen komen 2 keer voor in het spel. Als je een plaatje hebt dan kan dat een laag plaatje zijn (in aflopende volgorde: wittebrood, pot, smoel of nar) of een hoog plaatje (in oplopende volgorde: poes, herberg, vogel of kap af).
Als iedereen een dop heeft mag degene rechts van de deler als eerste bepalen of hij/zij/het de dop houdt of ruilt met degene recht van hem/haar/het. Of je ruilt is afhankelijk van een aantal factoren, namelijk hoe hoog je dop is, met hoeveel mensen je speelt, of en hoe de mensen voor jou hebben geruild of gewoon op basis van je onderbuikgevoel (wat meestal geen enkel nut heeft, zeker als je al de nodige biertjes in je mik hebt, maar je kan het proberen).
Wil je ruilen? Dan roep je “Ruul-n!” en bied je de dop aan aan je buurman/-vrouw/-persoon. Alleen als diegene een hoog plaatje heeft, dan kan de ruil niet doorgaan (zie hierna), als diegene een cijfer of een laag plaatje heeft, dan ruilen jullie de doppen. Afhankelijk van wat jij hebt geruild, bepaalt de volgende speler wat hij/zij/het doet, ruilen of houden. En zo door totdat de laatste speler aan de beurt is, dit is degene die de zak in bezit heeft. Als die nog wil ruilen, dan doet hij/zij/het dat in de zak (belangrijk: eerst een nieuwe dop uit de zak pakken, dan pas de oude erin doen!).
Als dat allemaal achter de rug is, zit de ronde erop en is het tijd om te kijken wie de laagste dop in de hand heeft. Hiervoor roepen één of meerdere mensen/dingen tegelijk: “Bliek-n!” en dan laat iedereen tegelijk hun dop zien. Degene die de laagste dop heeft betaalt een knoop in de pot. Dit kunnen ook meerdere mensen zijn, als 2 mensen de laagste dop hebben en/of mensen de nar in hun hand hebben (zie hierna).
Hoge plaatjes
Er zitten 4 hoge plaatjes in het spel (in oplopende volgorde), als degene waarmee jij wilt ruilen zo’n plaatje heeft dan kun je niet met hem/haar/het ruilen:
- Herberg – als je ruilt met iemand die deze heeft, dan zegt diegene “Drink een slok en ga mijn huisje voorbij”. Je moet dan een knoop betalen aan diegene en daarna kun je eventueel nog ruilen met de volgende speler.
- Poesje – als je ruilt met iemand die deze heeft, dan zegt diegene “Poesje krabt alles terug!”. Alle ruilen die tot dan toe zijn gedaan in de ronde worden ongedaan gemaakt.
- Vogel – als je ruilt met iemand die deze heeft, dan zegt diegene “Sta voor de vogel!”. Je kunt dan niet ruilen en het spel gaat verder bij de volgende speler na degene die de vogel in de hand heeft.
- Kap af (ruiter te paard) – als je ruilt met iemand die deze heeft, dan zegt diegene “Kap af!” en slaat zo hard mogelijk met de vuist op tafel (hoe harder hoe beter, behalve als er glazen sneuvelen, dan heb je iets te hard geslagen). De ronde stopt dan meteen, je moet een knoop in de pot betalen en daarna wordt er gebliekt, wat kan betekenen dat je nóg een keer moet betalen als je de laagste dop hebt.
Lage plaatjes
Er zijn ook 4 lage plaatjes in het spel (in aflopende volgorde), die kunnen wel gewoon geruild worden, al word je er meestal niet vrolijk van als je ze krijgt:
- Wittebrood – dit lijkt een reservedop maar is het niet, er staat gewoon niks op. En is de minst lage van de lage plaatjes.
- Pot – deze pispot is gewoon laag en doet verder niks. Je mag wel even zeiken als je deze hebt gekregen bij een ruil.
- Smoel – datzelfde geldt voor de smoel maar dan nog 1 tandje lager, als je deze krijgt dan ben je gegarandeerd de sjaak aan het einde van de ronde.
- Rit – dit plaatje van een nar is de allerlaagste en heeft de vervelende bijkomstigheid dat hij ook altijd een andere speler meeneemt. Degene met de op-een-na-laagste dop betaalt namelijk ook. In een uiterst geval kunnen er dus 4 mensen tegelijk moeten betalen (2 narren en 2 dezelfde lage plaatjes).
Links naar andere spelregels Slabberjan
Er zijn verschillende spelregels in omloop van het spel Slabberjan.
Hieronder een aantal links naar verschillende varianten van spelregels:
https://www.zeeuwseankers.nl/verhaal/spelregels-van-slabberjan
https://nl.wikipedia.org/wiki/Slabberjan
https://encyclopedievanzeeland.nl/Slabberjan
English version: https://share.google/qUgnUbeUzGtuBT4JO
Rituelen en gebruiken
- De zak moet altijd onder de tafel/bar doorgegeven worden aan de volgende deler.
- Alleen de eerste speler die al zijn knopen kwijt is, mag nog mee ‘op sloffen’. Dit betekent dat hij/zij pas definitief af is als hij/zij nog een keer moet betalen.
- De zak waarin de doppen bewaard worden, moet zo smerig mogelijk worden in de loop der jaren door vieze handen, bier en etensresten (zoals oliebollen of bitterballen). Wassen van de zak is dan ook ten strengste verboden!
- Er zijn stromingen die zeggen dat je ook “Miauw” mag roepen als je de poes hebt en de speler voor je met je wilt ruilen. Dit is in onze kringen echter not done en zal daarom leiden tot afkeurende blikken alom.
- Als je een rit/nar hebt en je ruilt met iemand die ook een rit/nar heeft, dan is dat een zogenaamde (zeer zeldzame) ‘Rit over Rit’. De gebruiken om hiermee om te gaan lopen uiteen: de ene stroming zegt dat de ronde dan ongeldig wordt verklaard en er opnieuw wordt gedeeld, de andere stroming zegt dat beide spelers een knoop krijgen uit de pot en de ronde gewoon wordt afgemaakt.
